Belangrijk is ook om te zorgen voor duidelijke doelstellingen en steeds uit te leggen ‘waarom’ de leerling een bepaalde opdracht moet doen. Motiveer deze doelstellingen SMART:

  • Specifieke en concrete taken.

  • Meetbare resultaten.

  • Acceptabel doel.

  • Realistische taken, rekening houdend met zijn kennis en ervaring.

  • Tijdsgebonden opdrachten, geef aan wanneer de taak voor jou klaar is.

Door een doelstelling op deze manier te formuleren is de kans groter dat opdracht met succes afgerond wordt.

Denk eens na over je eigen motivatie en drijfveren. Jouw enthousiasme zal ervoor zorgen dat de leerling zijn taken ook beter wil doen.

 

Wees alert voor signalen van demotivatie:

  • te laat komen,

  • agressief gedrag,

  • toenemend aantal fouten,

  • onverschilligheid,

  • niet halen van de targets,

  • ziekteverzuim,

  • klagen,

Tijdens een gesprek ga je samen met de leerling op zoek naar de reden van de demotivatie en probeer je samen op zoek te gaan naar oplossingen.

Motivatie zorgt ervoor dat de leerling wordt aangezet tot actie en gedreven is. De motivatie van een jongere kan je helaas niet sturen, maar gelukkig wel beïnvloeden.

 

Dat doe je door te zorgen voor motiverende arbeidsomstandigheden:

  • Laat de leerling zien dat werken plezant kan zijn.

  • De leerling is een deel van het team. Zorg ervoor dat hij zich betrokken, evenwaardig en geaccepteerd voelt.

  • Behandel de leerling met respect.

  • ...

Motiveren